Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit z. g. agronomisch oogpunt. Het zal wel overbodig zijn deze meening met voorbeelden hier te staven. Zoo dikwijls toch werd er op gewezen, dat er vele factoren gedacht worden kunnen, welke èn op groei èn op gehalte Invloed oefenen.

1905. „Aangezien omtrent de vorming en het ontstaan van het alkaloïd in den kinabast nog niets met zekerheid bekend is zoo heeft rapporteur (Van Leersum) zijn éénjarig verlof naar Europa dienstbaar gemaakt, om zijn kennis omtrent microchemie ook wat op te frisschen en weer op de hoogte van den actueelen stand dezer wetenschap te brengen; zoodat de handels- en cultuur-analyses in het vervolg door den adj. directeur (Groothoff) zullen verricht worden. En, wat de cultuur-analyses betreft, zoo is de wenschelijkheid gebleken, met het oog op eventueel misverstand, hierbij nog eens ten allen overvloede te constateeren, dat de te onderzoeken monsters steeds even groot en vlak naast, onder of boven de vroeger onderzochte genomen worden. De toe- of afname van het alkaloïd, afhankelijk zoowel van watergehalte als van andere bestanddeelen (en andere factoren!) welke in hoeveelheid kunnen varieeren, is dus relatief; doch zal in den vervolge in den cultuur-analyse-staat ook het gewicht der monsters worden opgegeven".

„In het afgeloopen jaar, dus na 15 jarigen leeftijd, was, blijkens 14 analyses, het gehalte weer iets achteruitgegaan, in een paar gevallen zelfs vrij veel; doch aangezien het aantal voor onderzoek geschikte boomen zoowel door ziekte als uitdunning steeds minder wordt, zoo zullen bovendien proeven met andere tuinen genomen worden".

„Volgens een vijftiental analyses zou natte bast in stukjes gesneden of gekneusd (in stukjes snijden en kneuzen geeft, dunkt ons, veel verschil) en daarna in de zon gedroogd, in alkaloïd-gehalte zijn achteruitgegaan; hetgeen dus overeenkomt met de uitkomsten in 1899 en destijds toegeschreven aan sapverlies bij snijden".

Nog enkele onderzoekingen, betrekking hebbende op bemestingsproeven, gehalte van zes 1 è, 2-jarige Robusta's geënt op Succirubra, (1,20—3,21 kinine bij 1,02 —2,99 cinchonidine en 5,47 — 10,08 pCt. totaal alkaloïd) en vierjarige Ledgerenten enz. kunnen we verder rusten laten om nu te beginnen met de voorloopige mededeelingen omtrent het microchemisch onderzoek".

„Aan Dr. J. P. Lotsy, in Dec. '95 tot botanist bij de Gouvernements-kinaonderneming aangesteld, werd opgedragen:

Sluiten