Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zegenen«, en 't meisje keerde zich tot mij en zeide dit met zachte stem, terwyl ze stond in het avondrood!

Met de kinderen moet men beginnen, wil men het volk winnen! Ik was gelukkig door de zegenbede.

Zoo goed mogelijk poog ik my in te denken in het leven van de Maleiers, van de Minangkabauers der Bovenlanden. Gisteren dronk ik slappe goudgele thee by een hoofd der bevolking, een panghoeloe die dicht by het oerwoud woont. Zijn vrouw, zacht van beweging en oogopslag, die zeldzame kunstwerken der inlandsche goudsmeden om hals en armen droeg, gekleed was in een gewaad van wit en seringenkleur en zwart verlakte muiltjes aan de kleine voeten had, deed voornamelijk het woord en toonde zich bijzonder intelligent en sympathiek. Ze had een prachtige taart gemaakt — een zandtaart met dunne laagjes confituren! — en deed de honneurs op bevallige wyze, met een prettigen glimlach.

Haar woning, keurig net en frisch, is van buiten gebeeldhouwd en gekleurd op de ouderwetsche, treffend schoone wijze van het land, doch ontzettende reclameprenten bedekten de wanden der kamers van het luchtige huis.

Ik leerde een en ander van haar, haar echtgenoot en haar bloeder, die een geëerd inlandsch onderwijzer is.

Zoo vernam ik dat Maleiers nog meer van vergaderen en praten houden dan socialisten. Dit spruit by hen voort uit den wensch zich te doen gelden en om te voldoen aan hun ydelheid. Ils aiment a s'écouter parler. Ze houden van speeches te maken en stellen er groote eer in bekende populaire gezegden en spreekwoorden te pas te brengen. Ze houden er dus van overleg te plegen over plannen van actie.... al is ieder het te voren met al de anderen eens om niets te doen! Dus kunnen ze redekavelen over dingen, waaraan toch niets te veranderen is of waarvan ze absoluut niets weten, juist als theologen over vryen wil en praedestinatie....

Sluiten