Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

^ Van Batavia ging ik nog eens het geheele eiland door naar Soerabaja, mij hier en daar ophoudend, om gade te slaan de wijze waarop landbouwers, ny veren, handelaars, ambtenaars Java ontwikkelen en bestieren, aan de millioenen inlanders den vrede van Holland brengend en hen opleidend tot zelfbestuur.

Maar uit dagboek en brieven neem ik niets meer over, hoe gaarne ik het ook doen zou, daar ik nog zooveel moois en belangwekkends gezien en gehoord heb. Maar mijn boek zou te veel op een foliant gaan gelyken! Myn reisverhaal breng ik dus nu tot een einde.

Wjj verlieten Soerabaja den 2"» September op de Grotius, en vertrokken 10 September van Batavia naar het vaderland.

Eerst gingen wij toeren en de Oostkust omvaren. Wij hebben lading ingenomen uit een vloot prauwen te Pasoeroean, te Probolinggo, te Panaroekan en gingen toen het fiere, hooge vulkaan-gebergte van de Baloeran om en door Straat Bali naar Banjoewangi, waar de vyf zwaaiende ijzeren armen op dek weder in beweging kwamen om den heelen nacht lading in te nemen.

Wat gaan er 'n producten in zulk een boot als deze! Ze slokt de lading van vloten prauwen op als een kabeljauw garnalen.

Door Straat Bali golfde uit het Noorden een stroom, waartegen s ochtends de Grotius met moeite opwerkte. De groene gebergten van Java s Oostkust en Bali's Westkust bleven urenlang ons b\j. Telkens dacht ik: »Wat hadden die zeilschepen der vooi vaderen hier in den Archipel toch een moeilyke taak!«

Weder ging ik over den Indischen Oceaan, en wy gleden naar Ceylon, waar wij een halven dag in verleden en heden leefden. En wederom was de reis vol rust en gemakkelijk leven in opwekkende lucht. Over een bewogen zee stevenden wy den 231 » September den geheelen ochtend en middag

Sluiten