Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

beginsel dat hem bezielde, heeft doorgewerkt onder de leeraars die na hem kwamen: zij hebben het ten slotte aan Israël geleerd het heilige heilig, God God te achten en als zoodanig te eeren. En eerst toen dit besef, het geloof in de Eenheid en Eenigheid van Jehova als den waarachtigen, den levenden God, in merg en bloed van het Jodendom was doorgedrongen, — eerst toen kon weer een nieuwe tijd aanbreken, de tijd dat niet meer op Gerizim noch te Jeruzalem de Vader behoefde aangebeden te worden, maar dat ieder die Hem zou aanbidden, dit zou doen in geest en waarheid.

En kan Ezechiël nu voor ons nog beteekenis hebben? Wellicht is onze tijd er het verst af om wat hij gewild heeft, te verstaan en te waardeeren. Of is ooit eenige tijd meer afkeerig geweest dan de onze van wet en reglement, van scherp omlijnde voorstelling, waar het betreft het leven met God? Velen willen der vroomheid, verre van baar te persen in vormen, zelfs niet met den vinger eenigen weg aanwijzen, noch het godsdienstige leven binden aan eenigen regel van praktijk en geloof. Vrije vroomheid, zoo dweept men! Wat zou men dan nog luisteren naar iemand, die met een reglement van gods vereering aankomt?

Wij hebben thans immers een ander ideaal dan die oude profeet. Het heilige apart stellen, buiten de aanraking met het gewone wereldsche leven? Neen, juist

Sluiten