Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kent, kan ze ook lezen bij Daniël, die er telkens een schets van ontwerpt, maar dan gesluierd in beeld en gelijkenis, in raadseltaal omneveld.

Om den lezer hiervan te overtuigen, volge een kort overzicht van deze geschiedenis.

In de eerste twee eeuwen na den terugkeer uit Babel bleven de Joden onderworpen aan de Perzische monarchie, tot zij het lot van deze laatste deelden en ingevoegd werden in het Grieksch-Macedonische rijk van Alexander den Groote, die met ongeëvenaarde snelheid het reuzenrijk van Perzië veroverde (331 vóór Chr.), gedreven door de grootsche gedachte om het Oosten aan het Westen te huwen en zoo de beide die elkaar zoo lang bestreden hadden, Azië en Griekenland, te verbroederen. Een vroege dood sneed echter plotseling al zijne plannen af (323 vóór Chr.) en zijne kolossale macht viel in vier deelen uiteen (Dan. 8:5—8; 11:3, 4). Voor ons zijn nu slechts van belang de twee waarmee de Joden telkens te maken hadden: het rijk ten N. van Palestina, Syrië met de hoofdstad Antiochië, waarover de Seleuciden, en dat ten Z., Egypte met de hoofdstad Alexandrië, waarover de Ptolemeën regeerden. Tusschen deze twee werd het een oorlog zonder einde en het Joodsche land, tusschen beide ingelegen, was vooral de buit dien zij elkaar betwistten. Beurtelings moest het, nu den koning van het Noorden, dan dien van het Zuiden gehoorzamen. Soms werd het, bij een

Sluiten