Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

,XXY' G^n" 3: 15: »En vijandschap zal ik veroorf" "55' U ? tuïchen de vrouw- ook tusschen iZJ .tusschen haar zaad, dit zal u het hoofd

etsen en gij zult het de verzenen kwetsen." § 88.

In den aangehaalden tekst zijn de natuurlijke eigenschappen van den slang en van den mensch beschreven. De slang wordt door den mensch verfoeid en hij tracht zijn kop te kwetsen, ten einde zijn doodelijk vennf of

door (5en°ntgaa"' doch de slanS bezit de bovenhand, door den mensch zijn voet te kwetsen.

i 1 j'V T1 dllldellJk in het verhaal van 's menschen val dat daarin voorgesteld wordt de invloed welken de verleiding op hem uitóefent, zoolang hij in het paradijs der onschuld leeft, van nuttige werkzaamheden verstoken is en die hem verhinderen, zelfs een enkel gebod te gehoorzamen. De vrije wil § 89 waarmede zijn Schepper hem begiftigd heeft, kan immers zijne neiging tot het kuade niet uitsluiten en de slang — het zinnebeeld der verleiding, — lokt hem gestadig tot zonde toe. Het is onmogelijk aan te nemen, dat de Alwijze Schepper onbewust was van deze kiemen der verleiding — het gevolg des vrijen wils - welke Hij zelf den mensch geschonken had, en het zoude daarom de grootste onrechtvaardigheid in de Godheid verraden, indien Hij /Cijn eigen werk voor eeuwig vervloekt had, voor hetgeen ' I ij zelf in hem gewrocht had

En men vindt ook hoegenaamd niets in dit verhaal at naar een vloek zweemt, doch wel het tegendeel' want alle bestraffingen Gods zijn de uitvloeisels Zijner oneindige genade. Om daarvan overtuigd te zijn dient men den tekst niet door geloofsdwang geleid,' doch onpartijdig en zonder vooroordeel te onderzoeken. Gen ' 1J~~,'T/ »Ln de Heere zeide tot Adam, dewijl ^ii gehoor hebt gegeven aan de stem uwer vrouw en van den boom gegeten, van welken ik u geboden heb, /eggende: gij zult er niet van eten, — het aardrijk zijter uwemurfe vervloekt." § 90. „Ter uwentwege," i e

ve^T ' Tr UW Wdzijn zal ^ het aardrijk vervloeken, enz. Kn m zoo verre Eva aangaat, vindt

Sluiten