Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tongen van het dorp de zondebok gemaakt hadden. Deze bezag ze met nijdig-vrede blikken.

Over Stiena was een grote kalmte neergegedaald. Ze peinsde veel en bad voor de bekering van een zondaar.

Die zondaar was de vreemdeling van daareven.

t Werd tijd dat Matielde uit de kerk kwam want bijwijlen herinnerden angstwekkende viezioenen haar rechtstreeks de aanblik van de wonde van die man. Het uitwerksel was telkens verschrikkelik, haar maag was zeer ontsteld. De buitenlucht deed haar goed. Ze ademde een hele tijd met volle kracht alvorens ze huis toe gingen.

Toen ze haar spraak terug kreeg, zei ze: Zie je dat nu? dat is nu Stifnie: daarvoor heeft ze nu geen mis gehoord op een Zondag, een doodzonde bedreven. En die zatlap, had hij vandaag niet uitgereden hij zou niet verongelukt zijn. God is rechtvaardig!

Stiena knikte, het was alles haar eigen overtuiging, maar ze moest het eerst weten van Matielde, anders had ze er soms een andere, een zeer vage echter, iets als een zwakke, inwen-

Sluiten