Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bollekens. Hij dacht: wat een ellendige kommediant ben ik, en Mevrouw Bollekens weet het, ik schaam er mij over! En nogtans heb ik haar lief, Stiena, en ik zou niemand anders willen, niemand!

En hij huichelde zo goed, hij sprak niet over zijn ontrouw van gisteren! De vrouwen waren bezorgd en spraken over Matielde. Er had deze uchtend een heftige twist plaats gehad; Matielde wilde haar zuster weg hebben doch Stiena wilde niet.

— Ik heb ongelijk gehad haar te verlaten, zolang, ik mocht het niet gedaan hebben, ik heb het voorbeeld niet gevolgd van Ons Here, ik heb de stem gevolgd van mijn vrok. Het is mijn schuld dat alles nu zo is en ik moet er nu voor boeten, ik mag of wil haar niet meer verlaten.

— Je overdrijft, zei haar Mevrouw Bollekens, waarom zou dat jou schuld zijn? Kun je daar iets aan doen? ze is zot geworden, maar het was omdat dit zo haar lot was.

— Neen, neen, antwoordde Stiena, zot is ze niet, ze weet heel goed wat ze doet . . .

— Als ze in haar goeie ogenblikken is!

— Ja, anders niet, maar 't zijn aanvallen dat ze krijgt. De dokter heeft het ook gezegd,

Sluiten