Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ieLÏ0Zfd^ z«nooitde.Mt öer rede - maarz()eeuwig ei zinnen, zij eeuwig de zaak van het hart, de zaak der moeder. '

demiltr6ed! weJ» die,er °P volgfc ^ deze: het menschelijk onn ent f ^l6C tS a n 8 z a a m van de oefening der zin-

lanVl 1 °e "g van het 00rdeel over; het blijve lang de zaak van het hart, voor het de zaak der rede,

het bl„ve lang de zaak der vrouw, voor het de zaak van den ra a 11 beginne te worden.

v0prlat ,«°? ik ei' "°g aan toevoege«?- Met deze woorden voeren mi, de eeuwige wetten der natuur zelf weer naar uw

liefde' m °e i!r' moeder! - Ik kan mijn onschuld, mijn

edl nü! ge i0°Tmheid' ik kan de voortreflijkheden van mijn edele natuur bij den nieuwen indruk der wereld, alle, alle

l echts aan uw zijde behouden. Moeder, moeder! hebt

gei nog een hand, hebt ge nog een hart voor mij, zoo laat mij

ZliValUuWij ' 6n h6eft niemand u de wereld karen kennen, oodls ik haar moet leeren kennen, zoo kom, wij willen

behomJte kenne? en Zl" ik'?"* ï' ^ gÜhaarhadt i r „s lk haar kennen moet. Moeder,

• wlJ willen op het oogenblik, waarin ik gevaar loop door

nieuwe verschijning der wereld, van u, van God en van mijzelf

te worden afgetrokken, niet van elkaar scheiden. -

Moeder, moeder! heilig gij mij den overgang van uw

hart tot deze wereld door het behoud van uw li 8/ 1 tl —

„Waarde vriend ! Ik moet zwijgen, mijn hart is geroerd en ik zie tranen in uw oogen. Vaarwel!"

De laatste brief, de vijftiende, bevat niets nieuws. Het zijn niets anders dan reeksen van ontboezemingen, waarin P. nog eens vei zeteit, dat al zijn opvoedkundige denkbeelden kunnen worden eiuggebracht tot dit eene: dat de kunst der opvoeding „van het heiligdom van het woonvertrek moet uitgaan" en dat ten slotte alle opvoeding opvoeding tot godsdienst behoort te zijn.

oo blijkt dus liet verschil tusschen P. en dien anderen grooten p e agoog Francke minder groot, dan men wel eens heeft gemeend. .... . C,6n 61 besfcaat in den grond slechts weinig verschil; het .. , S^C s S100t' dooidat P. in zijn voornaamste geschriften bijna uitsluitend over het onderwijs spreekt en Francke bijna uitsluitend over de godsdienstige opvoeding. Voor beide is opvoe-

Sluiten