Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en bloed, hij is eeniglijk vervuld en bezig met het werk Gods eu vol teederheid voor de zieleu. Hij heeft niets zoozeer in het hart, niets zoozeer voor de oogen als de wille Gods; daaraan alleen is hem alles gelegen; hem alleen ziet hij in alles; wat God niet is telt hij voor niets; hij erkent geene betrekkingen op aarde dan in hen, die kinderen Gods zijn en God tot Vader in de hemelen hebben; hij heiligt en wijdt alle gevoelens en genegenheden der natuur door ze in verband te brengen met en dienstbaar te maken aan het heil der zielen, die hem door God zijn toebetrouwd, voor wie hij de plaats van vader, moeder en broeder bekleedt, door hun allerlei soort van hulp en ondersteuning te bewijzen.

HOOFDSTUK XIII.

I. Een arbeider in des Heeren wijngaard gunt zich maar zelden rust. Zijne liefde dringt hem de genietingen des huiselijken levens op te geven, om zich te gaan blootstellen aan de moeielijkheden, verbonden met de zielenzorg des evangeliedienaars.

II. Als het woord Gods met een heiligen zin verkondigd wordt, worden de geloovigen er door aangetrokken. De liefde voor dit woord is levendiger en vuriger bij het eenvoudige volk, dan bij de rijken en geleerden, omdat er bij de eersten waar geloof en eenvoudigheid is, en dat zij, minder dingen hebbende, die hen aan de aarde hechten, het hart meer geopend houden voor de dingen des hemels. — Het tafereel in den tekst vertoont ons een beeld der kerk, bestaande uit de schare der geloovigen, vereenigd met hare opzieners. De laatsten, die meer blootgesteld zijn aan allerlei tegenwerking en stormen, zijn als in een hobbelende boot op zee, terwijl het volk op het strand en in rust is.

III. Wij moeten ons niet laten afschrikken door het duistere, dat men soms in de gelijkenissen der Heilige Schrift ontmoet. De waarheid ligt er in verborgen, niet dat men haar niet zou kunnen vinden, maar opdat men haar zou zoeken en alzoo aanspraak ver-

Sluiten