Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XXXII. Want ik ben hongerig geweest, en gij hebt mij te eten gegeven; ik ben dorstig gen-eest, en gij hebt mij te drinken gegeven; ik ivas een vreemdeling, en gij hebt mij geherbergd;

XXXIII. ik was naakt, en gij hebt mij gekleed; ik ben krank geweest, en gij hebt mij bezocht; ik was in de gevangenis, en gij zijt tot mij gekomen.

XXXIV. Dan zullen de rechtvaardigen hem antwoorden, zeggende: Heer, wanneer hebben wij u hongerig gezien, en gespijzigd* of dorstig, en te drinken gegeven ?

Sluiten