Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Afdeeling II.

Het Ficleïsme in z ij n ontwikkeling.

Had Prof. Ménégoz in bovengenoemd werk de hoofdgedachten zijner theologische beschouwing samengevat , het was te verwachten, dat een nadere verduidelijking zijner denkbeelden noodig zou blijken.

In de eerstvolgende jaren schijnt de hoofdstelling van het Fideïsme, zooal niet weinig besproken, dan toch weinig bestreden te zijn. Zoolang niet het Fideïsme zich van zijn negatieve zijde deed kennen, kon men de „Réflexions" als niets meer dan een zeer krachtig protest tegen leerheiligheid beschouwen.

Intusschen, uitlatingen van Prof. Ménégoz in zijne volgende werken deden zien, dat de strekking van deze richting verder reikte. Hangt namelijk de zaligheid niet aan de geloofsvoorstellingen, dan is een onderzoek naar de juistheid of onhoudbaarheid dier voorstellingen door geenerlei moeilijkheid meer belemmerd. Daarmede is dan ook de noodzakelijkheid om aan de letterlijke inspiratie der H. Schrift te gelooven — volgens prof. Ménégoz nog eene meening van velen — vervallen, of ten minste relatief geworden.

In 1882 verscheen van de hand van denzelfden hoogleeraar een werk, getiteld: Le péché et la rédemption d'après Saint Paul. De laatste bladzijden van deze bijbel-

Sluiten