Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

prof. M. gaarne toe — toch worden wij behouden niet door die voorstellingen waarvan het heil afhankelijk is, maar door het geloof, het geloof alleen; door de overgave des harten aan God, die, in verband met welke voorstellingen dan ook, bij den mensch plaats vindt.

Tot het jaar 1897 — om den terugtocht hier even aan te duiden — bediende het Fideïsme zich van onderscheiding tusschen de subjectieve heilsvoorwaarden eenerzijds en de objectieve paedagogische middelen om het heilsgeloof voort te brengen anderzijds. De invloed der voorstellingen blijft groot, maar waartoe zou M. zich anders ook zoo inspannen, om deze leer ingang te doen vinden? ') „De leer dient om het geloof voort te brengen, maar zij brengt het niet noodzakelijk, onvermijdelijk voort." a) Dit voortbrengen toch hangt ook van zekere innerlijke gesteldheid af. — Een paar weken later ;i): er is geen geloof zonder geloofsvoorstelling. Deze laatste is de oorsprong van't geloof. — Weer wat later: de geloofsvoorstellingen brengen, onder invloed onzer persoonlijke gesteldheid, het geloof of het ongeloof

voort De kennis der waarheid is eene objectieve

heilsvoorwaarde. 4)

In de Eglise Libre, No. 48, beantwoordde prof. Ménégoz bovengenoemden C. Soulier en gaf dezen

') Égl. Libre 1897 No. 34.

a) ib. No. 36, Publ. s. 1. F. p. 249.

3) Publ. s. 1. F. p. 251.

') t. a. p. p. 257, (Vie Nouvelle '97 No. 41.)

Sluiten