Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hoevelen van die jonge grootburgers zullen in Deventer blijven wonen? De gehechtheid aan een geboorteplaats is niet meer zoo sterk als in vroeger eeuwen. De strijd om het bestaan drijft de menschen voort, dwingt hen veel meer dan vroeger ver van het ouderlijk huis een bestaan te zoeken en het dagelijksch brood te verdienen. Daarom zal langzaam maar zeker het getal grootburgers afnemen en zoo zal ook jaarlijks het getal heesten verminderen. En hiervan zal het gevolg weer zijn, dat steeds minder weidegrond voor het vee nóodig zal zijn en dat de stad steeds meer van die gronden ten eigen bate en nutte op de beste wijze zal kunnen aanwenden.

Mijn tweede plan heeft nog iets voor boven het eerste. De nitkeering in het eerste plan is berekend naar de jaarlijksche nitkeering van f HU, die als gevolg van-het besluit van 1816, aan alle grootburgers ten goede kwam. Het besluit van lHiti was geheel in strijd met het stadrecht en zoo was dus ook het besluit van 1866, waarbij ieder, onverschillig of hij koeien hield of niet, een nitkeering kreeg, geheel tegen de geest van het oude recht. Juist in een materie als deze, die uit oude tijden stamt, moet men zich houden aan het recht, zooals dat uit die tijden tot ons is overgekomen. Daarom zou ik liever mijn tweede plan volgen. Want mijn eerste als berustende op het besluit van 1866, berust echter daardoor inderdaad op dat van 1816 en op den toestand, die toen ten onrechte in het leven is geroepen; mijn 2e plan daarentegen beoogt juist afschaffing van de ingeslopen misbruiken en een terugkeer tot het oude, onvervalsehte recht.

Ik wil hier een bezwaar, dat men tegen mijn tweede

Sluiten