Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

belang bij hebben de zaken gaande te houden, en denzelfden staf arbeiders voor zijn onderneming te bewaren. Ten tweede kan de verzekerde geheel werkloos worden, maar gedurende de werkloosheid met het een of andere werk wat weten te verdienen.

In het eerste geval, de reductie van den arbeidstijd, zal bijna nooit het loon zóó gedrukt worden dat de werkloozenuitkeering meer zou bedragen dan dit loon. Mocht het loon werkelijk beneden de werkloozenuitkeering dalen, dan zou er door de werkloozenkas een uitkeering moeten gegeven worden.

In het tweede geval, de bijverdienste gedurende de werkloosheid, zal de kas zeer vrijgevig moeten zijn voor den werklooze, die op allerhande wijze nog wat tracht te verdienen. De kas zal moeten zorgen, hem niet af te schrikken op dezen weg voort te gaan. De uitkeering zal door moeten gaan, tenzij de bijverdiensten zóó groot worden, dat zij met de uitkeering het gewone loon zouden gaan overtreffen.

Volgens het reglement van de kas te Bazel wordt voor voorbijgaanden arbeid op elke twee dagen éón dag uitkeering gegeven. De kassen te Bern en Keulen zeggen niets over de bijverdiensten. De wet op de gedwongen verzekering te Bazel had in §§ 39 en 40 een uitvoerige regeling. § 39 luidt: „Leden, die tengevolge van stremming van den arbeid de helft „van hun gemiddeld loon of meer hebben, worden niet als „werkloos aangemerkt. Daarentegen hebben zij, die minder „dan het halve loon trekken, aanspraak op twee derden der „werkloozenondersteuning". En § 40 zegt: „Leden, die „een ondersteuning ontvangen, zijn verplicht van alle „mogelijke nevenverdienste uit den arbeid aan de bestuurders „van de kas der verzekeringsinrichting, op zijn laatst bij „de volgende afrekening, juiste mededeelingen te doen. Een

Sluiten