Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ook hierbij dient in het oog gehouden te worden, dat bij enkele partus twee kunstbewerkingen hebben plaats gehad.

Van de 110 kinderen van den cursus 1897 -98 waren 48 jongens en 60 meisjes ; van een is geen geslacht opgegeven, terwijl bij één, geboren door abortus provocatus, geen geslacht was te onderscheiden. Procentisch berekend is dit 44.4 pCt. jongens en 55.6 pCt. meisjes.

Gerangschikt naar de voorafgegane baringen krijgen wij de volgende tabel:

j I | II | III | IV | V | VI | VII | IX para

Jongens 32 7 6 3 ~ — — ~ 48

Meisjes 34 5781221 60 Onbekend 2 — — — —• — — 2

i 68 HÏ2 13 Fï 1 • 2 2~; T~ 110

Van de 98 kinderen, die in den cursus 1898 - 99 geboren werden waren er 47 van het mannelijk geslacht, 49 van het vrouwelijk, terwijl van de twee abortus geen geslacht vermeld staat. Procentisch winnen het de meisjes met een fractie van de jongens; in vergelijking met het vorige jaar is dit jaar dus de verhouding voor de jongens gunstiger.

In tabel gebracht:

I II | III | IV | V | VI j VII | VIII l IX | XI para

Jongens 26 9 4 1 3: 2 — 1 1 47

Meisjes 35 4 4 2 1 ! 1 — 1 1 — 49

61 13 ~8 3 U| 1 ~2 ï 2 T "96

Wat afwijkt met hetgeen we in de polikliniek vonden, waar het aantal mannelijke geboorten, dat der vrouwelijke overtrof, en wat eenigszins een bevestiging kan zijn van de opvatting van Ahl/eld,

Sluiten