Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voren, de schouders stonden beiden boven den bekkeningang. Met de rechterhand was de rechterarm niet te ontwikkelen, met de linker ging het evenmin, zoodat besloten werd den linkerarm te ontwikkelen, hetgeen gelukte na fractuur van één der beenderen. Nu kon ook met eenig draaien — ofschoon nog moeilijk — de rechterarm ontwikkeld worden, waarna de schedel nog geboren moest worden. De borst was nog naar voren gericht, de kin niet te bereiken. Onder assistentie van Dr. Holleman, die op den bekkeningang den schedel naar onder duwde, gelukte het — eigenlijk geheel door uitwendigen druk — het hoofd te doen geboren woiden Het kind was asphyctisch, maar werd bijgebracht. Grootste omtrek van den schedel 331 2, K. O. 28Va c.M. De moeder bloedde sterk; er blijkt een cervixscheur te zijn, die terstond met catgut gehecht werd, waarop de bloeding stond. De placenta wordt gemakkelijk uitgedrukt. De vrouw is sterk anaemisch, maar wordt bijgebracht

K. 20 VI para. Schedelligging. Eerste en tweede partus kunstmatig, maar patiënte weet niet of er forcipale extraetie of perforatie heeft plaats gehad, 3e en 4e partus praematurus, 5e versie en extractie; het jongste kind leeft.

Afstand der spinae ilei 24, cristae 27 c.M., omtrek bekken 86, conj. inclinata 9V2» hoogte van de symphysis 5 c M, conj. Vera 81/*, diameter Baudelocqui 9V2 c.M. De linea innominata is geheel af te tasten.

31 Augustus. Fundus bijna tot den ribbeboog, buik wat dwars uitgezet, de rug loopt schuin links, de schedel ballotteert boven den bekkeningang; de harttonen zijn links, even onder den navel. In narcose

Sluiten