Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gebruik maakten. Steeds werd er voor gezorgd eenige stroomen in voorraad te hebben.

Over 't algemeen waren de elementen zoo gunstig mogelijk geplaatst, dat geen bijkomende oorzaken de werking onregelmatig konden maken. In de gemiddelde variatie van den chronoskop hadden we, afgezien van den voltmeter, een aanwijzing voor de onregelmatige werking van de elementen. Gewoonlijk was dit tevens een teeken, dat ze weer vernieuwd moesten worden.

Voltmeter.

Op de tafel naast den chronoskop, met dezen steeds in de keten opgenomen, stond de voltmeter, zoodat het een kleine moeite was zich van de sterkte van den stroom te overtuigen.

Reeds meermalen hebben wij er op gewezen van welke waarde het voor ons was steeds op de hoogte te blijven van den toestand van de elementen en van den door hen geleverden stroom. Daardoor waren wij geheel onafhankelijk van de afwisselende werking van de elementen, want wij konden ons toch ieder oogenblik van hun toestand overtuigen.

Onze voltmeter was dan ook met veel zorg uit de reeks bekende fabrikaten gekozen. Zoowel in Utrecht als in Halle beschikten we over Edelman's voltmeter, waarbij door poolpapier moest worden uitgemaakt in welke richting de* stroom moest doorgelaten worden. Hiermede waren wij in staat zeer nauwkeurige opmetingen te doen.

Rheostaat.

Onze chronoskopstroom werd geleverd door 6 elementen. Nu kwam het wel eens voor, vooral wanneer ze juist gevuld waren, dat de stroom te sterk was. Dan werd om den weerstand grooter te maken, de rheostaat in den keten opgenomen, (we maakten meestal gebruik van den rheostaat door Reiniger, Gebbert und Schall in den handel gebracht).

Deze van een zeer eenvoudige constructie, gaf ons gelegenheid

Sluiten