Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zij, naleving van het Wettelijk voorschrift moetende afdwingen, haar toevlucht moeten nemen tot een middel, dat de grenzen der noodzakelijkheid verre overschrijdt, nl. sluiting der kraam '). Hierdoor krijgt de nalatige veel meer te verduren, ondervindt hij veel meer nadeel, dan wanneer de politie met een gerust geweten het rad kon wegnemen.

Neemt men echter met ons aan, dat wegnemen van het rad geoorloofd is; niet altijd zal het antwoord zoo gemakkelijk te geven zijn als in het geval, door ons zooeven als voorbeeld gekozen. Bijv. bij wettelijk voorschrift is verboden muziek te maken op straat. Iemand, zich niet aan dat verbod storende, speelt harmonica. Zal nu de politie ook de harmonica mogen afnemen? Ons dunkt hier kan het antwoord niet bevestigend luiden. Het gevaar duurt hier zoolang de verordening bestaat en niet zooals zooeven gedurende de kermis. Eerst als de verordening wordt ingetrokken bestaat zekerheid, dat het voorschrift niet meer overtreden zal worden; afnemen zou hier uitloopen op algeheele depossessie, onteigening, en dat staat zeker der politie zonder uitdrukkelijk voorschrift niet vrij. Men zal zich dan op andere wijze dienen te behelpen, als deze manier van handhaving niet is voorgeschreven. — Het kan niet anders dan wenschelijk geacht worden, dat de wet voor deze en dergelijke gevallen de handhaving regelt.

i) — en dit doende is de politie in de rechtmatige uitoefening harer bediening niet, omdat een \Vrethouder tot aluiting hevel gat', zooals het Openhaal- Ministerie bij de Rechtbank te Utrecht meende, doch omdat het gelegenheid geven tot hasardspel bij wettelijk voorschrift, gemeenteverordening, was verboden. Vgl. Hof Amsterdam, 2 Dec. 1902, P. v. J. 32 Jg. no. 295.

Sluiten