Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

faclemón), zeg zaag (ohd. sega, saga, waarnaast dus een umlautsvorm "sagja moet verondersteld worden; zie Kluge i. v. sage) en in de verb.-vormen het heeft (onfr. hevit), zet zegt (uit 'sagid), met oorspr. Rom. a in: herj voorhuis (zie Wdl.) (lat. area, zie Kluge i. v. ahren).

Opm. 1. êlend ellende (ohd. elilenti) verraadt door zijn klemtoon op de eerste lettergreep, ontleening aan het Duitsch.

Opm. 2. e -f- uit cl ontstane j ging over in èij, b.v. rèijj reden (ohd. redia) naast het aan het Ndl. of de schrijftaal ontleende recijhk redelijk, stèij steden (mv. v. stad, uit stedi).

Opm. 3. Verkorting had plaats in menrug menig (ohd. menig, manag), twelhf twaalf (gut. twalif).

Opm. 4. Gaan kntvjl knevel (uit *knabilo) en mtjl netel (ohd. nezzila uit natilo) terug op vormen met Cierm. a, dan hebben wij bij deze woorden overgang van e tot / aan te nemen.

Opm. 5. Een klank, niet beantwoordende aan Germ. a, vinden we in kèigil kegel (ohd. kegil uit *kagilo?).

§ 61. De woorden, welke in open lettergrepen a of ao hebben (z:e § 49), hebben bij het vormen van mv. dim. of afleiding als umlaut e of ë en aö, b.v. dregjr drager, nëgjh nagelen (got. nagljan), kreg en kregskj, (mv. en dim. van knig), seunmëkir schoenmaker, wetjrj, zie VV d 1. (mnd. wëteren, met-ja suffix afgeleid van water), wrgj/kj (dim. v. wagjl) zè'kskj (dim. v. zak), hciönsj (dim. v. haoii), kraönsj (dim. v. kraon), laöjko (dim. van laoj), siiöjjhk schadelijk, naast saoj schade.

§ 62. Naast woorden met ao uit Germ. a staan echter vormen, die niet aó maar ê tot umlaut hebben, zoodat de overgang van Germ. a tot ao later moet hebben plaats gehad dan het optreden vf.n den umlaut, b.v. (doep)grevsr (dooden)graver naast graovj, meg (mv. van maog, ohd. magad) naast mciög (mv. v. inaog, ohd. mago), jegjr jager (ohd. *jageri, jagari) naast jaogj, sëmto schaamte (vgl. Limb. Serm. scemede, een jongere vorm op-de naast ohd. scatna) naast saonu.

§ 63. Germ. a voor g + volgende / werd èi in: dweil (mnl. dwegel, ohd. dwahila), peil peil (mnl. pegel uit *pagil).

§ 64. Een eenigszins afwijkende vocaal vertoont kej kei (uit *kagi).

Sluiten