Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

worde ingevoerd, want deze is, althans in mijn oogen^ een eerste vereischte voor een snelle en juiste rechtspraak. Ik wees er reeds op, dat ik het niet eens kan zijn met hen, die, zooals Mr. Mom Visch in zijn praeadvies voor de Nederlandsche Juristenvereniging van 1878, meenen, dat in een procedure, waarbij openbare mondelinge behandeling op den voorgrond staat, het verhoor op vraagpunten als bij logische consequentie kan vervallen. Het doel toch van dit verhoor kan zijn het verlichten van den eigen bewijslast en het meer-thuiskomen in het standpunt van den tegenstander. Nu geef ik toe, dat de mondelinge behandeling een schat van wetenswaardigheden geeft, maar hoeveel zou een partij wellicht niet voor een klein deel van die kennis willen geven, indien zij haar eenige weken vóór de eindbehandeling werde verstrekt.* Dit mogelijk te maken, moet het instituut verhoor op vraagpunten beoogen. Als zoodanig voorkomt het dan kosten en verrassing.

Is nu, zonder inbreuk op de eischen der billijkheid, een regeling op te stellen, die praktische resultaten zal opleveren ? Onze wetgever van 38 heeft haar meenen te vinden in een mondeling verhoor voor den rechter op bepaalde punten, vooruit aan de wederpartij beteekend. De Engelsche wet kent (in dezen stand van het geding) slechts bij uiterste noodzakelijkheid een mondeling verhoor, maar staat een schriftelijke beantwoording toe van eerst voor den rechter besproken en vastgestelde vragen.

Op het bedenkelijke in de voorafgaande bekendheid van den ondervraagde met de punten, waarover het verhoor zal loopen, is hier te lande genoegzaam gewezen. Ook Mr. Mom Visch (Preadvies voor de Ned. Jur. Ver. 1878. Handelingen. I. blz. 320—328)

Sluiten