Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tingen, is dan de rechter niet vrijwel verplicht nieuwe deskundigen aan het werk te zetten? De wet voorziet zelfs dit geval in art. 235 Rv. In het Engelsche proces zou de oplossing een andere zijn. Hier zou de rechter zeggen: gij, partij, hebt mij niet aannemelijk gemaakt dat en dat bepaalde feit. Ergo: gij wordt op dit punt door mij in het ongelijk gesteld met de daaraan verbonden gevolgen voor den afloop van het proces. Dit is in overeenstemming met de gedachte, die in deskundigen louter een bewijsmiddel ziet en geen bijrechters. Ook de deskundigen toch getuigen omtrent feiten.

Vertraging zal ook plaats vinden door het incident en het oponthoud, dat de decisoire en suppletoire eed scheppen. Mogelijk is echter door voorwaardelijk eindvonnis veel stagnatie, te duchten van deze bewijsmiddelen, te keeren. De Engelsche wijze: het partijen-verhoor, brengt geen dgl. verdrietelijkheden mede. Partij zelve verschijnt eenvoudig als getuige in de box, en tracht den rechter (of de jury) zekere feiten aannemelijk te maken. Slaagt zij daarin niet, dan bestaat geen formeel lapmiddel als dec. of suppl. eed om „by juridische fictie" de rechterlijke overtuiging alsnog in haar voordeel vast te stellen.

Is het niet overjammer van alle energie, die op de bovengeschetste wijze verbruikt wordt? Bij het wederom voorkomen van dezelfde zaak is de rechter opnieuw genoodzaakt de geheele toedracht zich weer in het hoofd te brengeu en daartoe zooveel mogelijk weder alle daartoe relevante stukken te herlezen. Het trial-systeem maakt aan dergelijk noodeloos krachtverbruik een einde.

Thans nog een kort woord over den master. In het

Sluiten