Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De mcnsch kan dus nooit deelachtig zijn eene wezenlijke, slechts eene toegerekende gerechtigheid. Door Christus verzoend te zijn, kan dus niet beteekenen, dat elke mensch zich met God verzoent, zooals Christus, maar het wil zeggen, dat God den mensch als rechtvaardig beschouwt, daar Hij in hem eenige mogelijkheid van en aanvankelijke gelijkheid met die natuur ziet, zooals zij eens heilig, volmaakt, goddelijk op aarde is gezien1).

Zal den mensch echter die gerechtigheid kunnen worden toegerekend, zoo moet er een beginsel, eene kiem aanwezig zijn, waaruit het hoogere leven zich steeds voller kan ontplooien. Er is bij ons slechts sprake „van een zaad, niet een boom, van een bron, niet eene rivier, van een streven, niet een bereiken, van eene gerechtigheid uit geloof, niet uit werken"-'), en dit beginsel is het geloof, het leven des Geestes in ons.

Gelijk men nu de zeven bronnen den Theems noemt, zonder dat een groote waterstroom vloeit en er schepen varen, zoo rekent God het vertrouwen op Hem als gerechtigheid toe, omdat het de bron is van gerechtigheid. Hij rekent dit toe zonder werken, dus vóór er werken zijn verricht, en niet van wege de werken. Doch dit geloof kan niet zonder werken zijn; want de fontein moet springen, de boom moet groeien, en het goddelijke leven in de ziel moet gepaard gaan met levensuiting. „Faith alone justifies: but not the Faith which is alone." Jacobus zegt als het ware: een boom kan niet getroffen worden zonder donder, — volkomen waar. Paulus zegt: de boom is getroffen door den bliksem zonder den donder, 't geen eveneens de waarheid is. „Lightning alone strikes, but not the lightning which is alone without thunder; for that is only summer lightning, and harmiess 3)".

') Expos. lect. on the Cor., p. 344. ") » n n „ „ p. 344. I.ife and Letters, pp. 334, 335.

Sluiten