Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet geweten, wie zich achter dezen pseudoniem heeft verborgen. Bossert ') nam als auteur aan cllrlstoffel Freisleben, schoolmeester te Wels, die niet Hans BüNDERUN uit Linz e. a. in het laatst van 1527 uit Opper-Oostenrijk naar Zuid-Duitschland was getrokken. Onder de Doopsgezinden, die te Straatsburg verhoord zijn, heb ik zijn naam niet gevonden. Wel wordt op het omslag van het «twistgesprek van BUTZER en pilgram MARBECK« (bewaard in het Straatsburger stadsarchief) naast eenige geschriften van BüTZER en eene opsomming van diens twistgesprekken met schwenckfeld, Velsius e. a. genoemd: Epistola Catabaptistac ad Af. N.2) Christophori Freislebii. Geheel onbekend was deze Doopsgezinde te Straatsburg dus niet.

RöHRICH 3) vermoedt op grond van de lettertypen, dat Straatsburg de plaats is, waar het boekje gedrukt werd. De inhoud geeft hem gelijk; immers de schrijver laat in zijne bestrijding van de predikanten het volk op Zondag zeggen: »wol au ff Doctor Merti (Martin Butzer) oder Meyster Vl'z (jöhannes wltz of Sapidus, schoolmeester 4) wirt predigen, laszt uns für die lange weyl zuhören, er wirt den Bischoffen ablausen«. 5) De schrijver gaat voorts aan de hand van de geschiedenis na, hoe het misbruik van den kinderdoop is ingeslopen, handelt over »den grewel so in und ausz dem kindertaufif erwachsen ist« en tracht het onredelijke en onbijbelsche ervan aan te toonen. Daartegenover wordt de doop der volwassenen krachtig verdedigd, als alleen in overeenstemming met de Schrift. Elk lezer zal de niet geringe bijbelkennis en

1) Jahrb. d. Ges. f. d. Gesc/i. d. Protestantismus in Oestcrreich, 1900, S. 131 ff. Hij vermoedt, dat het boekje te Straatsburg gedrukt is, »was sich freilich uur durch typografische Untersuchungen der Flugschrift feststellen laszt.«

a) Hierboven staat geschreven C. Sch., waarschijnlijk Caspar schwenckfel.d.

>) z. h. Th., 1860, S. 38.

4) Zie over hem RouriCH, Gesch. d. Kef. i. E., I, S. 259. Hij preekte o. a. »in dem groszen Blokerhaus«, 7.. h. Th., 1860, S. 35.

') c i v°.

Sluiten