Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In (leze Memorie treffen we !) de volgende zinsnede aan: „Zoo wordt volgens art. 12 [van liet Reglement] geene bepaling toegelaten, volgens welke aan de bestuurders, hetzij directeuren, hetzij commissarissen, de bevoegdheid zou worden toegekend.... zie vorige bl. art. 12.

Aan de waardeering van het Reglement en de daaraan beantwoordende Memorie ga een enkel woord vooraf.

Het spreekt vanzelf dat, wanneer (gelijk hier wordt gesteld) de commissarissen onder „bestuurders" vallen, zij dan niet de jaarlijksche balans tinaal mogen goedkeuren. (Vgl. aant. 2 op bl. 27.)

Leggen we deze bepaling naast het tegenwoordige art. 52, dat zijne opname toch aan art. 12 van het Reglement ontleent, dan blijkt dat commissarissen thans wM de rekening en verantwoording mogen goedkeuren, indien ze slechts niet aan eenig beheer deelnemen; dit artikel kan dus niet uitgaan van de gedachte, dat commissarissen ook bestuurders zijn, gelijk het Reglement ze per se noemt; anders immers zouden zij in geen geval de balans mogen goedkeuren; terwijl zij dat nu wel mogen, mits ze niet aan liet beheer deelnemen.

Genoeg om hierdoor te besluiten, dat de bestaande wet niet staat op het standpunt van liet Reglement en de genoemde Memorie van Toelichting.

Indien dan de innerlijke waarde van liet Reglement

*) Voorduin dl. 8, bl. 180.

Sluiten