Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Von Savigny leert, dat wat schenking is voor den eenen regel het ook voor den anderen is; anders was het ook onmogelijk met een scherp begrensd schenkingsbegrip te werken. Daar nu de sub 1 genoemde regel het belangrijkste is, is het in zijn systeem duidelijk, dat in het algemeen er op afgegaan wordt, welke bevoordeelingen tusschen echtgenooten verboden zijn, om die dan als schenkingen te betitelen. Nu wordt door Modderman ten bewijze, dat op het gratis laten bewonen van een huis genoemde rechtsregels niet toepasselijk zijn en dat gratis laten bewonen dus geen schenking in engeren zin is, deze plaats van Pomponius aangehaald: Si vir uxoris aut uxor viri servis aut vestimentis usus vel usa fuerit vel in aedibus ejus gratis habitaverit, valet donatio. 1. 18 D. de don. i. v. et u. (XXIV, 1). Deze en soortgelijke plaatsen schijnen de meening van Goudsmit en Modderman, dat gratis gebruik van een woning geen schenking in engeren zin is, te staven; Savigny redt zich echter uit deze moeilijkheid door hier eene uitzondering te maken als natuurlijk gevolg van het gemeenschappelijk leven van man en vrouw, en merkt op, dat het wel als schenking in engeren zin zou gelden, als een der echtgenooten aan den ander het gratis gebruik van een gebouw toestaat , dat tot uitoefening van een beroep (niet tot eigen woning) benut wordt1).

Doch volgens Burckhard 2) ligt juist de grondfout van het systeem van Von Savigny daarin, dat deze meent, dat er een algemeen enger begrip der schenking bestaat, waarbij alle regels omtrent de schenking gelijkelijk

') t. a. p. § 146 blz. 35 en § 152 blz. 81. *) Zum Begrift' der Sclienknng blz. 7 en v.

Sluiten