Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ging Groen mede, doch niet niet liet tweede, welke eene verandering betrof van artikel 56 van het Koninklijk Besluit van 2 Augustus 1815. Dit artikel luidde: „De onderwerpen van het onderwijs zullen verdeeld zijn in vijf faculteiten, 1". die van godgeleerdheid tot rorminn van hveeketinyen roor de Hervormde Godsdienst enz " De heer van Kerkwijk wilde het gecursiveerde schrappen, en hiertegen kwam Groen in verzet.

Integendeel moest , hij het Gouvernement worden

aangedrongen op een eerlijk eerbiedigen van de eigenaardigheid der faculteit." Wat men er ook over mocht redeneeren, het feit stond vast „. . . . dat deze faculteit ingesteld is en blijft ter vormin<i van leeraars roor de llerrormde Kerk: dat men, om het doel te bereiken, geene middelen daarmede lijnregt in strijd behoort te gebruiken en dat, voor de vorming van kerkleeraars, de ondermijning en bestrijding van de kerkleer niet bij uitnemendheid geschikt is. Maar, ter handhaving van ons regt. is het prijs geven der uitdrukkingen waarin het geconstateerd wordt, niet raadzaam." ')

Het voornemen bestond derhalve „ . . . . ondanks het beginsel van scheiding (van Kerk en Staat), eene theologische faculteit van wetenschappelijke godgeleerdheid, waarin geenerlei dogma zal worden geleerd" in de nieuwe regeling van liet hooger onderwijs op te nemen. Als voorbeeld van het „Christendom boven geloofsverdeeldheid", dat men dan zou krijgen, wees ( Jroen op den hoogleeraar

') I'aki.mm. Stui». en Schets., ie deel IX. 1)1. 25, *26.

Sluiten