Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lutie is gekomen. Daartegen is gekomen reactie, ook met betrekking tot het onderwijs, maar nooit is er gekomen eene restauratie. Die Staat, van God los gescheurd, arrogeert zich het recht 0111 als onderwijzer op te treden. Dat is eene verloochening van het Christendom in den Staat. \\ ij zullen dit artikel nooit gewijzigd zien, of' er moet eene geheele omwenteling komen. Laten wij ons daaromtrent geene illusie maken. Wij kunnen den magtige zijnen vang niet ontweldigen: de geheele Revolutie

spreekt zich dit in i)it artikel."

Mij dit citaat schreef Groen: „De laatste zinsnee beaèrn ik. de voorlaatste niet. Met den I'oUiithuti tkr I otr)itnt<'ii tot bondgenoot, is de (loliittli ook dezer eeuw verwinbaar."

\ au een prijsgeven der nationale instellingen aan de onbeperkte heerschappij der revolutionaire theoriën wilde hij derhalve niet weten. Door artikel li)4 der Grondwet meende de Staat het recht te hebben aan de Natie een onderwijs te geven zonder te vragen naar hare behoeften en begeerten op godsdienstig gebied. Evenzoo stond het met de andere openbare instellingen; ook bij hare regeling kon even eigenmachtig worden te werk gegaan. Groen wanhoopte niet aan de mogelijkheid, dat er een einde werd gemaakt aan het alvermogen van den revolutionairen Staat. Hij twijfelde niet, of ten slotte zou de overwinning in de kracht Gods worden behaald.

Met enkele woorden wil ik nog aangeven, welke beteekenis Groen waarschijnlijk aan deze uitlatingen heeft willen hechten, en waarom ze door mij in het slothoofdstuk zijn aangehaald.

Sluiten