Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te neutraliseeren, en aan de leer van de eenheid de overwinning te verschaffen

Het is mijn overtuiging, dat mr. Van Nierop met zijn concessiën aan de theorie van de scheiding te ver is gegaan, dan dat hij nog, zonder vergrijp tegen de logica, aan de conclusie, die hij „dubieerde" te aanvaarden, zou kunnen ontsnappen. Ik kom hierop nader terug 1).

Nemen wij het voornaamste uit de doorwrochte rede, voor zoover zij ons vraagstuk raakt, hier over:

„Ik kom nu tot het punt, dat ik speciaal wil behandelen: „de koloniale leeningen. En wanneer ik spreek van koloniale „leening, wensch ik daaronder te verstaan een leening ten „name van Indië, ten laste van Indië en uitsluitend ten laste „van Indië Dan bedoel ik daarmede natuurlijk niet koloniale „leeningen, zooals wij ze vroeger gekend hebben, koloniale leenin„gen gewaarborgd door den Staat der Nederlanden. En dan „wensch ik te vragen: welken aard, welk karakter heeft die „koloniale leening?

„Wij hebben zooeven een juridisch betoog gehoord van den „geachten afgevaardigde uit Noord-Brabant, dat Indië is een „rechtspersoon en dat Indië zich kan verbinden.

„Ik wil bekennen, dat voor die thesis veel te zeggen is. „Het is niet te betwisten, Indië heeft eigenschappen van beteeke„nis, die ook eigen zijn aan een rechtspersoon; Indië heeft, „bijv. een eigen doel, dat is het voornaamste element vaneen „rechtspersoon. 2)

„De Gouverneur-Generaal legt den eed af, dat hij de welvaart „van Ned.-Indië naar zijn vermogen zal bevorderen. Dit is de „reden, waarom Indië wordt bestuurd in het belang van de „bevolking, om haar zelfs wille, zooals nog gezegd wordt, in „een van de stukken die bij de behandeling van de comptabiliteitswet van de Regeering zijn uitgegaan. Het doel van „Nederlandsch-Indië is zeer zeker geen ander.

„Zooals De Waal zegt, is Indië een Staatseenheid. Daarover valt niet te twisten — Indië heeft ook eigen statuten. — „Indië heeft een Regeeringsreglement, eigen wetten, en voorts „een eigen bestuur geheel en al afgescheiden van Nederland.

') In liet zevende hoofdstuk van dit proefschrift. *) Zie boven, blz. 1U.

Sluiten