Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ten onrechte dan ook hebben zoowel het ontwerp ') als de „wet van den 23sten Juli 1903 (G-ouvernementsblad 1903, „no 29) tot spoorwegaanleg en exploitatie van het Lawage„bied in Suriname door het gouvernement en overneming van „de rechten en verplichtingen der Maatschappij Suriname" zich van deze onzuivere terminologie niet vrijgehouden. De overeenkomst heet daar gesloten tusschen den Staat der Nederlanden en de maatschappij Suriname, terwijl de daaruit voor den Staat voortvloeiende rechten en verplichtingen aan de kolonie Suriname zullen worden overgedragen.

In het bij koninklijke boodschap van 6 November 1905 bij de tweede kamer ingezonden ontwerp van wet2), waarbij de werkkring van het departement van Landbouw, Nijverheid en Handel afgebakend wordt tegenover het gebied van het departement van Waterstaat, is in artikel 5 weer sprake van overeenkomsten, gesloten namens den Staat der Nederlanden, waarin de minister van Waterstaat, Handel en Nijverheid wordt vermeld als den Staat vertegenwoordigend. Artikel 6 gewaagt o. a. van acten van oprichting van naamlooze vennootschappen.. . waarin aan den Staat eenige bevoegdheid wordt toegekend of eenige medewerking van den Staat wordt ondersteld. Dat hier „Rijk" moet voorkomen, behoeft geen betoog.

Tot slot, — want het heeft geen zin in deze volledigheid na te streven, — noem ik een wetsontwerp, dat het Staatsblad niet heeft mogen bereiken, doch ons van de hier heerschende spraakverwarring een treffend staaltje biedt: ik bedoel het ontwerp-comptabiliteitswet-PiERsoN 3). Het eerste artikel van dit ontwerp begint aldus: „Voor zoover het tegendeel niet „bij of krachtens de wet bepaald is, worden alle ten behoeve „van den Staat4) gedane ontvangsten onder de middelen tot „dekking der Rijfcsuitgaven 4) verantwoord." Staateontvangsten tot dekking van de (alle) /?t/'fcsuitgaven!

Wij hebben hier met een gewoonte te doen, die diep haar wortels heeft geschoten. Er zal nog heel wat in dit opzicht gezondigd worden, eer het woord Staat in de wetgeving van

') Bijlagen 1902/1903, n°. 132, 2.

*) Bijlagen 1905/1906, n°. 113.

') Bijlagen 1899/1900, n°. 200.

4) Cursiveering van mij.

Sluiten