Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

besluit werd genomen op de gemeenschappelijke voordracht van de ministers van koloniën en van justitie, doch alleen door Fransen van de Putte gecontrasigneerd. Het verwondert daarom zeer, dat dit wetboek zooveel bepalingen bevat, die op rechtspersoonlijkheid van Nederlandsch-Indië wijzen. Artikel 36 gewaagt van het voeren van de wapenen „tegen Nederlandsch„Indië", in artikel 37 is sprake van „het ondernemen van den „oorlog tegen Nederlandsch-Indië", als kon dit subject van oorlogsrecht wezen. In artikel 38 vinden wij gewag gemaakt van „steden. . . magazijnen, tuighuizen, schepen of andere „vaartuigen, aan den lande behoorende" waarna weer sprake is van „den voortgang zijner (des vijands) wapenen tegen „Nederlandsch-Indie." De artikelen 39 en 40 spannen wel de kroon, waarin wij gewag gemaakt vinden van de „bondge„nooten van Nederlandsch-IndiëIn artikel 47 lezen wij van een oorlogsverklaring, waaraan men door vijandelijkheden Nederland of Nederlandsch-Indië blootstelt, terwijl in artikel 56 sprake is van „domeinen, bezittingen of gelden, ... toebehoorende aan den lande," en bij artikel 88 straf baar gesteld wordt het wederrechtelijk bezit en gebruik maken van de echte zegels, stempels of merken, „ten nadeele van de rechten „of belangen van Nederlandsch-Indië."

Alleszins reden voor verwondering is er over het feit, dat dezelfde man, die twee jaren vroeger een bepaling, dat de Indische uitgaven en inkomsten Rijksuitgaven en- inkomsten waren, in de Indische comptabiliteitswet overbodig achtte, onder dit besluit zijn naamteekening heeft gezet.

De fout, als zou Nederlandsch-Indië een internationale positie innemen, heeft het nieuwe wetboek van strafrecht voor de Europeanen in Nederlandsch-Indië, vastgesteld bij koninklijk besluit van 12 April 1898, ') uit den weg geruimd. Reeds het opschrift van den eersten titel van het tweede boek: „Misdrijven tegen de veiligheid van den Staat"*) toont dat aan. Immers de Staat en niet Nederlandsch-Indië is drager van het belang der veiligheid, zooals zij hier is bedoeld, nl. in de betrekkingen tot andere staten. Wanneer wij de artikelen van dezen titel nagaan, dan zien wij, dat allerwegen, waar van het

') Indisch Staatsblad 1898, n°. 175.

*> Niet, gelijk liet nog geldende wetboek: Nederlandsch-Indië.

18

Sluiten