Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van den auteur inet een dergelijke vervolging in verband brengen.

Hoe komt onze schrijver ertoe, schismata in de Antiocheensche gemeente te onderstellen?

Die zullen er wel overal zijn geweest. Bovendien geldt Antiochië ook in later jaren voor een broeinest van ketterijen, een middelpunt der gnostieken. Maar al ware dit anders Antiochië is de klassieke plaats van strijd, tusschen de Apostelen, en ook tusschen hun volgers; en schreef niet „Clemens" zijn „"Evievi's wpl ligrj"vs *<*» ópovoiag aai; de gemeente van Koriuthe" op grond van mededeelingen van „Paulus" over

twisten in die stad?

Eeu vraagpunt blijft: aangenomen dat wij in de Brieven geen toespeling op een vervolging mogen zien — hebben latei en (m. n. Origenes en Eusebius, de eersten die Ignatius' dood met een vervolging in verband brengen) evenzoo geïnterpreteerd, en dus dat bericht aan een andere bron ontleend; of is hun onjuiste verklaring de oorsprong van hun bericht?

Wij vonden in de vorige paragraaf dat Origenes alleen op de Blieven steunde, de Rome-traditie volgde '); bij hem moeten we „de vervolging" dus wel aan verkeerde interpretatie wijten, tenzij we zijn verbeeldingskracht aansprakelijk stellen, die een bisschop slechts in een officieele vervolging kon laten omkomen. Anders Eusebius: in de Kroniek, waar van de Brieven geen sprake is, vermeldt hij de vervolging van Trajanus; maar inde Kerkgeschiedenis, waar de briefschrijvende reiziger-martelaar ten tooneele wordt gevoerd, hooien we er niets van. Wanneer na Eusebius de beide overleveringen worden samengesmolten, en de geschiedschrijvers algemeen den Briefschrijver vereenzelvigen met den Martelaar uit de Trajanus-vervolging, is het begrijpelijk, dat de vervolging in de Brieven wordt „hinein interpre tiert."

') De mededeeling tiat Ignatius „na Petrus de tweede Antiocheensche bisschop" was. aan een bisschopslijst ontleend (zie hl. 17), houdt geen verband noch met de Rome-, noch met de Antiochië-traditie.

Sluiten