Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wet. De individualiteit nu is noch het soortelijke, noch het wettelijke. Het verstand schematizeert en heeft niets te wenschen over, wanneer de verschijnsel-wereld in kaart gebracht, d. i. tot schematischen vorm gevoerd is. Met deze ordening nu is geen realiteit benaderd; het algemeene is een hulpmiddel tot inwendige organisatie, maar het is geen sleutel tot de werkelijkheid. Wanneer nu Spinoza een begrip der menschelijke individualiteit aan het hoofd zijner levensleer stelt, dan is het zich indenken van dit begrip géén schematisatie, doch wèl benadering van realiteit, dus geen verstandsinzicht, — evenmin als Hegel het Begrip, dat bij hem aan 't hoofd des systeems staat, een verstandelijke vondst acht.

Maar, daar immers in het begrip der menschelijke Individualiteit de eenheid van 't menschenleven in al zijn funkties en scheppingen begrepen is — zoo is het zich indenken van dit begrip veeleer een mystische toeleg dan een verstandelijke; nl. een toeleg der intellektueele aanschouwing of intuïtieve rede. Ten onrechte heeft Spinoza van zijn „derde kennis-orde" de intellektueele aanschouwing, of „scientia intuitiva" verklaard, dat deze geen ander inzicht vestigde dan beschouwing der verschijselen onder de kennis Gods. Zulke religieuse beschouwingswijze is zeker een resultaat van scientia intuitiva; maar het begrijpen der levensverschijnselen als openbaring der menschelijke Individualiteit — het ethisch denken — is evenzoo een verstaan des levens in zijn éénheid, en dus evenzeer een intellektueele aanschouwing. Ook als ethisch denker wendt Spinoza de intuïtieve rede aan.

Deze boven-verstandelijkheid van het begrip der individualiteit nu, beduidt geenszins, dat hierin het verstandsgebruik is nagelaten; doch integendeel, dat het

Sluiten