Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

staat den scepticus nauwelijks meer dan halfbewust voor den geest. Evenzeer als alle eigen architektoniek aan Sextus' werk ontbreekt, evenzeer ontbreekt er een eigen theorie over de waarde van het denken. En evenzeer als de architektoniek van zijn werk is: nabehandeling der Stoïsche filosofie, evenzeer is de theorie, die hij voordraagt , geen andere dan dat de verkregen denkresultaten der Stoa onhoudbaar zijn. De resultaten der verstoring tot een algemeene konklusie te vereenigen was geen sceptische zaak. Zoo slechts de geliefde ataraxie door de opschorting der meening omschanst werd, wat begeerde de twijfelaar meer? Desniettegenstaande komt uit Sextus' werk een algemeene waarheid te voorschijn, waardoor het werk interessant wordt. De Griekschlogische geest was de architekt, dien hij onbewust als werkman diende. En deze getuigde in het werk aangaande zichzelf:

1°. dat de zinnelijke waarneming geen grond heeft;

2". dat het denken geen grond heeft in de waarneming;

8°. dat het denken in zijn eigen verrichting geen grond heeft;

4°. dat het denken in de werkelijkheid buiten den geest geen grond heeft.

Sluiten