Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Om haar idee fixe, de onafhankelijkheid der vrouw tegenover dat zelfzuchtig, heerschzuchtig monster, man genaamd, te verwezenlijken, zouden zij zelfs tegen een verhond met Beëlzebub niet opzien! Eerst bij zoodanige wijziging der huwelijkswet „dat zij vormt een verbond van twee gelijk berechtigde personen begint het huwelijk voor de „intellectueel ontwikkelde vrouwen" aannemelijk te worden. Ik zeg met voorbedacht: begint, want het is die „intellectueel ontwikkelde vrouwen" niet om gelijke rechten te doen, doch om de heerschappij. Bij Mevr. Jacobs gluurt zulks alleraardigst om den hoek. Zoo beklaagt zij zich (pag. 17) dat in de wet omtient de ouderlijke macht en de voogdij geen sprake is „van eene erkenning dat de moeder een „grooter recht, op zijn minst genomen, een „even groot recht heeft op het kind als de vader." Zoo vraagt zij (pag. sprekende over het wetsontwerp betredende den rechtstoestand der natuurlijke kinderen: „diende men in eene kwestie, zoo „geheel en al het belang van vrouw en kind rakende, „de vrouw niet een stem, ja zelfs een ove r„wegende stem te geven?" In een opstel over „willekeurige beperking van het kindertal" eischt zij voor de gehuwde vrouw 't recht, het aantal harer kinderen zelf te regelen (pag. 63) en hen uit eigen vrijen wil te ontvangen (pag. li). Recht van meespreken heeft de man hier dus niet eens! Nog grijnzender komt de aap uit de

Sluiten