Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zelfs hadden sommigen nog den toupet hem op een anderen dag te bescheiden. Hij dacht erover na, of daar niets op te vinden zou zijn. Het was toch eigenlijk onzin, zoo'n heelen dag door de stad te dwalen om de duiten te garen, precies op de minuut zijn, daar waar men hem wachtte. Maar wat'?

Een kantoor ergens, waar men het verschuldigde storten moest, en een loket met een handwijzertje, zooals voor de waterleiding, lachte hem wel toe. Da&r zorgden de menschen immers óók wel op tijd te zijn, omdat hun anders het water werd afgesneden, en ze nog boete op den koop toe betalen moesten!

Doch dat was in zijn geval ondoenlijk. Als hij er zoo'n loket op nahield, zouden de menschen elkaar zien, en het van elkaar weten, dat zij aan hem contribueerden. Dat zou alles in de war gestuurd hebben. Het was juist, omdat een ieder meende, dat niemand het wist, dat men hem betaalde.

Dus kon men de menschen moeielijk en file laten staan.

Hij moest het dus maar dragen, tot er uitkomst kwam. Zijn familie deed net alsof hij niet bestond. Ook zij contribueerde, dat begreep hij, doordien er eiken Maandagochtend een gift kwam, de eerste maal van de boodschap vergezeld, of meneer asjeblieft van de deur wou blijven.

Het ging niet anders. Maar.... hij zou ze laten kijken! Allemaal! Zoodra hij een sommetje bijeen had, zou hij er een eind aan maken door een flinken coup. Voor zijn tegenwoordig doen een reusachtige mise op een winnend paard, of iets dergelijks. Beroerd genoeg, dat telkens als hij er bijna was, de kans hem weer tegensloeg. Want hij kon het spelen intusschen niet laten. Een mensch moet toch wat hebben!

In kleine kroegjes waar gespeeld werd, leerde hij de lui allerhande aardige hazardspelletjes, waarbij nog iets te

Sluiten