Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Want g'loof maar, dat-ie eronder lijdt.... en de oude mevrouw ...."

„'t Is lam, ja. Hij schijnt gekeken te hebben als 'n gek .... of-ie een klap op z'n kop kreeg .... toen ze 't hem kwamen zeggen .... hij zat op den Landraad .... hij schijnt in Holland al razend veel van d'r gehouden te hebben en zij .... ze heeft 'm eigenlijk ....

enfin, 't is voorbij, 't is voorbij Maar dat hij nu,

als officieel, als onpartijdig persoon, als rechter, zoo een zaak te onderzoeken krijgt.... zoo een instructie .... al die zakelijkheden .... al die details .... dat vind 'k beroerd voor hem."

„Maar," vroeg William, „is dat zoo absoluut zeker, dit ze vergiftigd is, die juffrouw Donker?"

„De Jongh beweerde, dat 't vrijwel vaststaat.... de verschijnselen en dat snelle verloop. Maar vanmiddag zal er wel schouwing zijn, vermoed ik. En dan vanavond de begrafenis. Dat gaat hier allemaal zoo allemachtig gauw."

„Dat vind ik nu 't vrééselijkste van dood-gaan in Indië," huiverde Nelly, „ze stoppen je maar dadelijk onder den grond óók."

„Dat blijft vrijwel 't zelfde...." vond De Klerk.

Maar William voelde wel wat voor wat Nelly zei, Charlotte had niet verstaan. Strak staarden haar oogen voor zich uit.

„Charlie. .. . kindje.... wat zit je toch te staren, wat heb je toch?"

Charlotte glimlachte moeilijk. „De warmte," zei ze. Kil zweet beklamde haar hooge, mat-bleeke voorhoofd, parelde tot onder 't bruine haar.

„Altijd die open kuilen op het kerkhof," zette Nelly,

Sluiten