Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hierom wellicht zou Charlotte haar willen sparen ....

Ze brandde — haar wangen, haar °ogen, haar slapen — in koortsigen gloed en tegelijkertijd rilde ze in de kilte, die haar van buiten af slangig 't dungekleede lichaam omgleed. Het onweer naderde ....

regen tikkelde neer opnieuw, het ruischte indeboomen ....

Hoor, hoe de rivier bruiste in haar volgestroomde bedding. Als een waterval gudste 't naar beneden van de bergen, had ze den oppas hooren vertellen. Hantoe's

waarden Hantoe's waren er niet.. . , hantoe's was

onzin, bitjara kossong.... de oppas had z n oogen neergeslagen en niets teruggezegd Maar waarom dan juist

nu, waarom dan van- daag, dien dag zonder zon, den dag van Henny Donkers dood .... nu al die regen, nu al dat rommelend dondergerucht.... en een hantoe, die waarde aan de overzijde der rivier. In de kampongs vertelden ze: geesten van vermoorden kwamen terug, kwamen hun moordenaars kwellen .... maar dat was onzin....

onzin en dan ook wat kon de hantoe haar

willen .... Als er hantoe's waren als ze kwamen

om moordenaars te kwellen .... zij was geen moordenares dan werd nu in de gevangenis Amia verontrust Zij had alleen gesproken ze had mets

geweten, haar aangezet tot niets ....

Maar morgen, dan zou Amia spreken, haar naam noemen tegen Carel van Houweningen, die óók haar versmaadde, omdat hij Henny Donker had liefgehad — en zij had hèm getrapt — Amia zou spreken, Amia zou liegen, Amia zou overdrijven en hij zou alles gelooven, wat die vrouw zou willen beweren. Er was niets te bewijzen.... niemand zou ooit weten, wat ze gevoeld en vermoed had, toen ze met Amia

Sluiten