Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

't was nu geen bedden-opmaken —anders de geliefde zang-periode der „kamermeid". Didi was naar school. Pietje, de eene gedienstige, kwam net de trap op, uit de keuken op weg naar boven, een paar badhanddoeken over de eene arm geslagen.

„Zeg 's Pietje waar is Mevrouw?" vroeg de

huisheer aarzelend.

„O, boven in de badkamer.... Meneer. Mevrouw heeft me juist om een paar handdoeken gevraagd."

In de badkamer! Om twee uur in de namiddag

Och, 't is waar, ze deed dat meer. Paula baadde op elk uur van de dag en van de nacht, als ze daar trek in had, soms twee maal in de vier en twintig uren. Paula was meer dan zindelijk: baden was haar een ware wellust. Trouwens, de badkamer had er al

het weelderige voor: daar te baden was een genot

En, zeer merkwaardig en onbegrijpelijk voor een natuur als die van Larsen, ze baadde vaak niet uit dwang tot reinheid of zucht tot genot: neen, uit pure vroolijkheid, als uiting van overvloeiende levenslust. Geen wonder dat ze dan zong, kwinkeleerend als een kanarievogel, die zijn veertjes gepoedeld heeft.

Larsen moest dus wachten. Toch ging hij de trap op.

Hij stapte voorbij de badkamer. Paula scheen het te merken, want het zingen hield even op. Daarna hervatte zij het. Lustiger dan te voren, meende Larsen te bespeuren. Onwillekeurig wierp hij een blik

Sluiten