Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

«Piet, u af.

»Nou, hé, daarboven, nou probeeren we 'nmal den bliksem. Die komt als Brünnhilde en Wodan weg gaan ... Piet, ga mee; opgepast 1 Nu gaan we samen af.... Bliksem! bliksem dan toch !«

'n Zachtaardig geknetter klinkt boven, en kleine blauwe vonkjes springen over, heel hoog in de lucht...

«Dat bliksemen op die manier kunt u wel laten, of doet u 't maar voor uw eigen plezier... dat kunnen we met gaslicht nog beter.«

Maar op eens schiet een lichtflits uit. en nóg een, en nóg een !

«Ozoo, nou is die bliksem daar goed, goed ... heel goed ... Maar wat doet u nou ... u moet kalm bliksemen, heel kalm .... juist, nu nog iets vlugger... En in 't derde bedrijf bliksemt u van links, begrepen ?«

Nu kan het tweede bedrijf weg. Vlug komen de knechts met kleine verfpotjes, en bij elk stuk merken zij de plaats met zwarte veegjes. Dan sleepen ze 't heele kunstige bouwwerk, dat wel een uur aan zetten kostte, in enkele minuten weer uit elkaar.

«Derde bedrijf! Maak wat af, alstubliefU

Een lange magere man, in een dikke pool, met een bonten muts over zijn ooren getrokken, komt op:

«Meneer, hier was de koessier.«

«Er komen twee solisten vooruit; dus om half zes één rijtuig aan 't station, één om half zeven, en vier op den gewonen tijd. Zult u ervoor zorgen?

Sluiten