Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

't ongeschminkte gezichtje; vermoeid hangen neer de armen in nauwe mouwen geregen.

»Welke nummers gelieft u te zingen ?« — vraagt plagerig officieel de man van 't orkest

En zwijgend, de oogen gesloten, wiegelt ze 't hoofd.

»Kom Anne,« zegt ie, nijdig een gooi gevend tegen den stoel waar haar beenen op liggen, »doe nou niet zoo lamlendig, en zeg óp wat je zingt....«

»Ik begrijp eigenlijk niet, waarom je me hebt aangehaald?* — laat ze slaperig de woorden glijden.

»Och, loop naar de maan!« — en hij gaat weg, en met een Duitschen sterke-man, zwart-gepommadeerde gescheiden haren, zwart-glimmende snor op 't roode gezicht, 't nijlpaarden lichaam in wit tricot met breed rood ceintuur uitbundig gestrikt en roode lintjes om de enkels, gaat hij op een kleerenmand vlug achter elkaar biertjes zitten drinken, zijn slanke jongensfiguur in rok daar baronnig bij afstekend....

Totdat de jongen van 't scherm hard stampt op 't planken tooneel.

En als er weer gehaald wordt vóór de grokkerige, rookerige, gloeiend heete zaal met plezier-menschen, staat daar met de beide armen en de beide oogen en den mond en den rechtervoet pijnlijk strak naar rechts getrokken een buikige Franschman in rok, met leverkleurig demitje en blauwe boutonnière, zwart satijnen gespbroek, dik gespannen, geweldige kuiten in zwart tricot en een schemerige kruin, die van routine getuigt.

Sluiten