Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

alwin

(ialgemene verrassing en verrukking. Geernoot juicht en Donar steunt Teda, die overweldigd door alles is en zich ten slotte schreiende, zich schamende, verbergt aan Donars borst).

Teda. Wat ? Wat is dat ? Was ik met die daar Bijna verbonden ! Ik verblinde; domme ! —

Zonne ! Zalig te zien uw licht ;

Heb geen meelij met mij, machtige Balder,

Beschijn me in m'n schaamte ! O, ik schuwen uw licht! Ik zoeken te zweven naar 't zorgende goudland Niet voelen uw warmte meer !

(zij barst in schreien uit).

Bos fee. Vrolik nu wezen,

Vrij zonder vrees !

Alwin voor altijd Verdwenen van de aard :

Dwaas was ons dienen,

Roekloos ons roemen,

Gevaarlik voor 't vrij-zijn Van 't menslik gemoed !

Vrijheid, Vrijheid !

Juich nu en jubel,

Zorg niet meer, zusters !

Zie eens dat waas weggaan voor 't zonlicht! In paarlen praalt het licht, Aan grassprieten glinstert licht,

Sluiten