Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dreij.

En je neemt je pot met stijfsel en je kwast mee.

Kobus.

En dan ?

Dreij.

Dan plak je zoon papier aan den muur van het station. Je zorgt, dat niemand je ziet; maar mocht iemand je zien, de stationchef of de veldwachter je kunt nooit weten en ze vragen wat je daar uitvoert

Kobus.

Dan zal ik zeggen: dat zie je wel.

Dreij.

Neen, dan zeg je: dat is een papier van Frans Kiezel, en die heeft me gelast, dat hier aan den muur te plakken. Heb je dat goed begrepen ? Van mij spreek je in 't geheel niet.

Kobus.

Heel goed — ik weet er nu alles van.

Dreij.

Ga nu eerst den koffer pakken.

('Kobus af door de deur ter rechterzijde; tegelijkertijd komt Frans door de deur op den achtergrond op).

TWEEDE TOONEEL.

Dreij, Frans.

Dreij.

Ah, ben je daar? Zoo als ik je van middag gezeid heb, je ziet, we kunnen hier rustig praten ; niemand zal ons storen. Madzer zit in den tuin en zijn dochter is uit.

F rans.

Des te beter. Jk ben benieuwd naar de gewichtige zaken, die je me zoudt mededeeleti.

Dreij.

Je zult zelf zien, dat het van belang is ; ik zou er ook niet licht met iemand anders over spreken, maar ik weet, dat ik ie vertrouwen kan.

Frans.

En ik ben nu juist in een stemming, dat ik graag heelemaa.1 op de hoogte zou willen komen.

Dreij.

Dat kan ik begrijpen.

Sluiten