Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

valsche grondslagen van 't leven, de opbouw van nieuwe, met de noodzakelijke gevolgen. Het leven van de menschheid is, juist als 't leven van 't individu, het groeien uit een vroegeren toestand in een' nieuwe. Deze groei is natuurlijkerwijze van de erkenning der gemaakte fouten en de bevrijding ervan vergezeld. Maar er zijn tijden in 't leven van de menschheid, evenals in dat van den mensch, waarop zich eensklaps fouten duidelijk openbaren, en de weg zichtbaar is waarop ze te herstellen zijn. Dit zijn de tijden der revolutie. En in dezen toestand bevinden zich nu de

christelijke volken.

De menschheid leefde volgens wetten van geweld, en kende niet anders. De tijd is aangebroken dat de meest gevorderde menschen de nieuwe, aan degeheele menschheid bekende wet verkondigde — die van weder-

keerige hulp. , . .

De menschen namen deze wet aan, doch niet in den vollen omvang, en ofschoon zij moeite deden, er zich naar te voegen, gingen ze voort te leven volgens de

wetten van 't geweld.

Toen kwam het christendom. Dit leerde den mensch deze waarheid, dat er maar één enkele wet was, voor allen gelijk, die ieder het hoogste goed zou geven: de wet van wederkeerige hulp, en ook toonde het aan waarom deze wet in 't leven niet nagekomen werd. En wel omdat de mensch het noodig en goed geloofde het geweld voor edele doeleinden te gebruiken, en de wraak gewettigd vond. Het christendom bewees, dat het geweld altijd verderfelijk is, en dat de mensch er niet ongestraft mede kan omgaan. Maar de menschheid nam deze verklaring van de gemeenschappelijke wet van wederkeerige hulp niet aan, zij wilde wel er naar leven, maar onwillekeurig volgde men steeds de oude heidensche wet van 't geweld.

Eene zoo groote tegenstrijdigheid deed de verdorven-

Sluiten