Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kennis te nemen van de slachterijen te Chicago, door H. F. LESTER, die zich in telegraaf-stijl aldus laat hooren:

«Uitgegleden op den bloederigen vloer, bijna mijn' nek ge„broken over het geronnen bloed en een oud varken. Zag een .vijfhonderdtal mannen bezig met het stuk snijden van biggetjes, .ham en worst van varkens maken. Geen verheffend tooneel, .inderdaad beestachtig. Ging toen naar de slachtplaats der „runderen. Rundvee gedreven naar een gang, met ijzeren hamers „op den kop geslagen. Bij de pooten naar beneden gesleepten „den nek afgesneden. Een klein leger van mannen, met emmers „om het bloed op te vangen; het vloeide in stroomen aan om

„er ziek van te worden.

„Nu naar de slachtplaats der schapen. Meer halsafsnijderij — „tien duizend schapen op één dag geslacht meer bloed.

„De plaats dampt van bloed; muren en vloer met bloed „bespat. Lucht dik, warm, walgelijk! Ja, zeide de gids, de grootste „slachterij van de wereld; niets gaat verloren, alles heeft zijn „nut, behalve het gillen van de biggetjes, dat is onverdragelijk ,en dan . . . drinken we een' borrel."

Het is moeilijk te zeggen wat den meesten indruk maakt, het hartbrekend pathos van den bezoeker te Whitechapel, of de ijskoude, bitter-sarcastische, sobere taal van LESTER, die ons ae slachterij van Chicago schildert. De zaak van het slachtvee is niet slechts een kwestie van meerdere of mindere barbaarschheid tegenover de dieren, maar bovenal eene van humaniteit voor hen, die onmiddellijk met het slagersbedrijf in betrekking staan.

Onder de bekende beroepen en bedrijven in beschaafde landen, die de mensch al aanvaarden moet om in zijn levensonderhoud te voorzien, is er geen zoo treurig, zoo afschuwelijk als dat van den slager, die tal van onschuldige, niemand leed doende, daarentegen den mensch in diens levensstrijd helpende, hoog georganiseerde wezens moet dooden, waardoor tooneelen ontstaan, zoo ergerlijk als hierboven beschreven werden.

Het is een sociaal kwaad van de allerergste soort, en een vleescheter te Chicago, die een' slagersknecht zijne ruwheid

Sluiten