Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wereldlijke Rechter of de rechtende (en onrecht doende) wereld veroordeelt Christus ter dood; de Eindigheid maakt, dat de als eindig gestelde Godszoon aan zijn einde komt, want in haar is de Dood oppermachtig. Maar dit is juist de waarheid van al het eindige, dat het vergaat. De Dood is in zekeren zin tevens de Oneindigheid, die het eindige richt; het eindige kan immers het volle Godsleven niet bevatten. Het als eindig gestelde Oneindige gaat heen, maar de Oneindige blijft ondanks den Dood. Het heet, dat hij werd gekruisigd en werd begraven; maar lijdende speelt de Christus niet maar eene lijdelijke rol; hij lijdt vrijwillig; hij wordt niet nedergestooten in de onderwereld, maar hij vaart ter helle; lang heeft hij gezwegen, nu predikt hij toch nog het Woord. De onderwereld is gedacht als het rijk der eindigheid en des Doods; van daar uit wordt al het aardsche leven belaagd; het is de sfeer der negatie, der ontkenning; maar Christus daalt er in af en toont er Heer en Meester te zijn: de Dood, het negatieve en vernietigende is eene zijde van het goddelijke zelf. Tot dusver is de geschiedenis van Christus eene doorloopende ver-

Sluiten