Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Universiteit niet langer in dienst van het oorspronkelijke doel stond, toen ten minste zij, die de Hervormde Kerk lief hadden en bleven liefhebben om hetgeen zij in haar eigenlijk wezen was en in hare openbaring worden kon, niet langer zonder verloochening van hun beginsel als curatoren, directeuren of hoogleeraren, konden werkzaam zijn en de aftredende rector, in zijne oratie, naar het oordeel van een der uitgetredenen, feitelijk ontkende dat er eene principiëele reden bestond om de Universiteit te verlaten werd het volgende onder den indruk van het gehoorde geschreven.

»De drie formulieren van eenigheid worden door u en uwe geestverwanten, zooals bekend is, met ééne exceptie aanvaard. In zake den plicht der Overheid, in Art. XXXVI van onze belijdenis omschreven, meent gij, dat Gods Woord u vrijheid geeft af te wijken van het vrij eenstemmig gevoelen der vaderen. De uitzondering is schijnbaar zoo nietig, dat het in uw oog iets moet hebben van eene kleingeestige plagerij, hieraan herinnerd te worden.

Toch moet ik dit doen, om te doen uitkomen, waar de diepere grond van ons verschil is gelegen.

Hij ligt in uwe afwijking, op dit ééne punt, van de belijdenis en de practijk der vaderen.

Wanneer men het vraagstuk bagatelliseert, herleidt men het gewoonlijk, tot de vraag: of de Overheid geroepen is het zwaard tegen de ketters te gebruiken. Men heeft dan onmiddellijk de openbare meening, ook onder de Gereformeerden, aan zijne zijde.

Maar men moet zich niet aan enkele uitdrukkingen vergapen.

Immers; het is met de leerstukken als met de aarden rotslagen. Op één enkele plaats wordt misschien iets van het onderliggende graniet gezien, dat rechtstandig ten gevolge van de werking der vulkanische krachten door de latere formaties is heengebroken. Maar óók waar men het graniet niet ziet, is het diep onder de kalk en den zandsteen aanwezig.

Sluiten