Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK III.

De Staat met den Bijbel.

Het ten jare i8yó te Middelburg ingebracht gravamen is niet zoo onschuldig als het zich liet aanzien.

Het raakt niet alleen de vraag hoe de Overheid met de in het bekend artikel onzer confessie bedoelde dwaalleeraars moet handelen, maar allerlei hiermede samenhangende vragen betreffende de kennisse Gods, de Kerk, de Heilige Schrift, de uitlegging der Schrift, de relatie van het Oude en het Nieuwe Verbond enz. En het stelsel waarbij dat gravamen past is in zijne hoofdgedachte, onze vaderen zouden zeggen: Libertijnsch d. i. het tegenovergestelde van Antirevolutionair, i)

Hoe is dit alles, en vooral het laatst gezegde echter te rijmen met de bekende en erkende positie die Dr. Kuyper en zijne medestanders op Godgeleerdkerkelijk terrein innemen, en met den strijd die eerstgenoemde sedert jaren, zij het dan op eene in ons oog niet altijd even aannemelijke manier tegen «Ongeloof en Revolutie" voert f

Wij ontleenen de stof voor het antwoord op deze vraag aan n° 1192 van de Heraut.

De schrijver brengt hier in herinnering hoe de Roomschen hetzelfde verwijt tot de Protestanten richten dat men tegen Dr. Kuyper inbrengt zoo dikwerf men hem een neutralist scheldt. Zij vereenzelvigen de Revolutie en de Reformatie.

Sluiten