Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de vraag : of de overheid en in den constitutioneelen staat, óók de grondwet

de Kerk als openbaring van het lichaam van Christus een publiek rechterl ij k bestaan zal geven.

Dr. Kuyper heeft dezen eisch zeer juist geformuleerd, i)

Wij hebben alleen bezwaar i°. dat hij de Kerk op één lijn stelt met andere kringen (het huisgezin, de kunst, de school) die hij allen »van publiekenrechte" noemt, en blijkens zijne leer van „de soevereiniteit in eigen kring" een van den Staat onaf hankelijk jurisdictie wil geven;

2°. dat hij den Staat geen eigen oordeel toekent maar aanneemt dat deze voor de Kerk heeft te houden wat zich en zooals het zich als zoodanig aandient;

^o. dat de Staat alle kerken, d. i. dus in het spraakgebruik der vaderen èn de ware èn de valsche Kerk heeft te erkennen en te hooren ; waartoe hij — laat ons ernstig blijven ! — »een Raad van advies" wil instellen.

Indien dit denkbeeld verwezenlijkt mocht worden zou het woord uit het spreukenboek „dit volk vergaat door de veelheid zijner raadgevers" hierop van toepassing zijn.

De kwestie te poneeren is haar optelossen.

Laat ons zien 1

De Kerk treedt op met de belijdenis : dat haar het Woord van God is toevertrouwd, dat de Heilige Geest

1) „Diezelfde God, die de Overheid instelde, en de Overheid als zijne dienaresse inet gezag bekleedde, diezelfde God heeft krachtens zijne soevereine oppermacht, ook de Kerk van Christus in deze wereld ingebracht en haar uitgespreid over alle natiën en volkeren.

Die Kerk is niet een produkt van menschelijke wd, daad, maar eene schepping Gods

Het wordt dus niet aan de Overheid gevraagd of zij die Kerk wil toelaten ... zij bestaat inre divino."

Uitnemend 't kan niet beter gezegd.

Eene schrede verder . .. erkent dat God die Kerk heeft geformeerd ... en gij zijt waar gij wezen moet.

Sluiten