Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den beker, dankt wederom en reikt hun ook dien alzoo gezegenden beker toe met de woorden: drinkt allen daaruit, deze kelk is het N. Testament in mijn bloed, dat voor u en voor velen vergoten wordt tot vergeving der zonden, doet dat zoo dikwijls gij dien drinkt tot mijne gedachtenis. (Luk. 22, Matth. 26, Mark. 14, 1 Kor. 11.) Het bondsmaal is voor alle geslachten en tijden ingesteld, het maal ter gedachtenis, het maal der gemeenschap, gemeenschap der liefde met elkander, gemeenschap der liefde met aller hoofd en Heer, den levenden Heer in den hemel, die onder de zijnen wonen en werken wilde.

O wat had zijn liefde scherp en goed gezien I Hoe wist zij het, dat wij zinnelijke menschen ook een zichtbare macht ter vereeniging, een zichtbaar steunsel noodig hebben, een zichtbaar onderpand voor de onzichtbare genadegaven. Dat maal was de heerlijkste openbaring zijner liefde tot den dood. Zoo dikwijls dat maal de zijnen zou vereenigen, zou alles in hen moeten opleven, wat Hij voor het behoud der wereld had gedaan en zijn liefde zou met verdubbelde kracht beslag leggen op hun zielen en vragen, „dat deed Ik voor u, wat doet gij voor Mij?" Zoo dikwijls dat brood en die beker door de zijnen genomen zou worden, zouden zij de aanraking voelen van zijn eigen hand en het zou de almachtige hand zijn, die den zondaar opricht, terwijl hij hoort spreken van de vergeving zijner zonden. Zoo dikwijls die gezegende teekenen in hun kring zouden uitgedeeld worden, zouden zij denken aan het Nieuwe Testament,

Sluiten